2.1.2.1 Functionaliteit

Cooperatieve functionaliteit verwijst naar het uitgangspunt dat samenwerking moet doen wat er mee wordt beoogd, het moet 'werken'.

Hoe doe ik dat?

  1. U bestudeert het anders zijn van mensen en elkaar daardoor kunnen aanvullen. U maakt gebruik van complementariteit
  2. U verdiept zich in overeenkomsten en gelijkenissen. U gaat uit van symmetrie
  3. U weet dat relaties kunnen variëren van kluwen tot los zand; er is altijd sprake van een zekere mate van intensiteit
  4. U beseft dat de verhoudingen kunnen variëren van dominant tot onderdanig; er is sprake van een zekere mate van (on)gelijkwaardigheid
  5. U onderscheidt relaties op grond van de mate waarin ze variëren van warm tot koud. U kijkt naar de temperatuur
  6. U beschouwt relaties in termen van vriendschappelijkheid.

Meer weten? Zie Kwaliteiten