3.5 Buitenstaanders

Elke groep heeft relaties met mensen buiten die groep: vreemdelingen, de anderen, buitenstaanders.

Hoe doe ik dat?

  1. U maakt gebruik van beelden, u doet aan framing
  2. U ordent relaties in termen van betrokkenheidscirkels 
  3. U onderscheidt specifiek van diffuus.