3.2.3 Distantie

Om adequaat hulp te kunnen bieden in welke vorm dan ook, is een kritisch oordeel over de problemen vereist. Wanneer je echter door een (te) sterke betrokkenheid wordt meegesleept in de emoties van de patiënt, gaan deze emoties je kritisch oordeel vertroebelen. Ze verhinderen dat je greep houdt op het gespreksverloop. Het bewaren van enige afstand bij emotionele uitbarstingen duidt dan ook niet zozeer op een gebrek aan medeleven, maar juist op een professionele houding. Bovendien is enige afstand ook gewenst met het oog op je zelfbescherming. Het zou emotioneel te belastend worden om telkens zo sterk betrokken te zijn bij al je patiënten dat je ze als het ware ook “mee naar huis neemt.”
 
Het gaat er dus om het juiste evenwicht te vinden tussen enerzijds de emotionele betrokkenheid waaraan de patiënt de noodzakelijke steun kan ontlenen, en anderzijds voldoende distantie om niet zelf uit balans te raken. De uitspraak: “kijken op afstand naar de dingen dichtbij” geeft deze balans tussen betrokkenheid en distantie aan. Behalve betrokkenheid en distantie spelen nog twee belangrijke houdingsaspecten een rol bij het begeleiden van patiënten: acceptatie en respect.